Blog



Uit de Toon

Het is al een paar jaar geleden dat ik op gesprek ging bij Toon. Toon was ziek en wilde geen behandelingen meer ondergaan. Het was goed geweest voor hem. Een vrouw had hij niet meer, zijn volwassen kinderen hadden hem niet meer ‘nodig’. Die konden op eigen benen staan. Vond hij.

Hij ging plaatsmaken op deze aarde voor andere mensen, zo vertelde hij. Als het moment daar was, wilde hij zélf beslissen op welke moment hij doodging. We maakten samen zijn verhaal voor zijn afscheidsplechtigheid. Het lag nog vier jaar in de kast totdat ik een telefoontje kreeg.

 

Het is dinsdagmiddag half 5 als ik alvast de aardappelen schil. De kinderen moeten sporten, ik probeer het eten op tijd klaar te hebben. Het is Toon. ‘Dag Wendy’ zegt hij ‘je spreekt met Toon, ken je mij nog?` Natuurlijk kende ik hem nog. Ik wist  het nog, hij had in landen gereisd waar ik ook geweest ben, veel van die mooie reizen hebben we destijds samen uitgebreid gesproken. Toon was iemand die je niet kón vergeten. Een man die graag buiten de lijntjes dacht, die er stiekem ook wel een beetje lol in had om mensen te laten schrikken door zijn confronterende uitspraken. Maar ik ben wel wat gewend. Die dag vermoedde ik dat hij niet belde voor zomaar een kletspraatje... 

Hij stelt mij de vraag. ‘Heb je volgende week woensdag tijd om tijdens mijn crematie hét verhaaltje voor te lezen wat je destijds geschreven hebt’. Normaal zou je mond openvallen van verbazing maar bij Toon eigenlijk niet. Deze manier paste zo bij hem. Ik antwoordde hem ‘Natuurlijk wil ik dat, maar dan begrijp ik dat u deze week kiest voor een vrijwillig levenseinde?’. ‘Dat klopt’ zei Toon ‘ik ga God een handje helpen. Ik ben er klaar mee donderdag gaat het gebeuren. Ik kijk er naar uit’. En daar zit je dan met je aardappelschilmesje in je hand.

En die donderdag gebeurde het ook. Op vrijdag ontving ik zijn handgeschreven envelop met daarin zijn rouwkaart.

Toon was een bijzondere man. Hij leefde op zijn eigen manier. Hij ging dood op zijn eigen manier. Hij kreeg een afscheid. Op zijn eigen manier. En dat besefte ik me opeens heel goed toen ik een half uur van te voren pas kennis maakte met zijn enige zus en haar man. Die stelden mij de vraag of mijn verhaal netjes zou zijn of er geen gekke grappen in verwerkt zaten? Ik schrok, want hé, ik beschik nog wel over een beetje tact. We gaan niet lopen dollen op een afscheid. Maar ik was er echt van uit gegaan dat Toon het verhaal ook aan zijn zus had laten lezen. Zij moest immers zijn afscheid regelen.

 

Daar had ik me in vergist. Dat was niet het geval. Ze had niets mogen lezen. Wat moet dat voor hen ongemakkelijk zijn geweest dat je op het afscheid van je broer zit en dat je niet weet wat er verteld gaat worden. Zijn kinderen waren niet geïnteresseerd. Die waren vooral heel druk om lelijke dingen tegen elkaar te zeggen. Ik begreep opeens waarom Toon  me vertelde dat ze hem niet meer ‘nodig’ hadden.

 

Het duizelde me een klein beetje toen ik aan mijn verhaal begon. Opeens schoot het door mijn hoofd... Wat als Toon nog een laatste geintje uit zou halen en mij dingen zou hebben verteld die eigenlijk niet de waarheid zouden zijn.... ? Heel even maar, om de boel nog een beetje te choqueren? Dat zou wel een grap zijn. Een echte Toon grap.

 

Maar dat heeft hij gelukkig niet gedaan. Toon kreeg een waardig afscheid.

Met Bijzondere Woorden en mooie muziek. Zoals hij het wilde.